Tip van Alma Mathijsen
Alma's Boekencolumn: Een dyslect met een concentratieprobleem
Ik ben een dyslect met een concentratieprobleem en een telefoonverslaving. Laat me dat vooropstellen. Hoewel ik immens veel van lezen hou merk ik ook dat ik de laatste jaren meer moeite heb om mijn aandacht bij een boek te houden. Voor een roman moet een mens zijn best doen, een uur wezenloos scrollen op mijn telefoon kost geen enkele moeite. Daar lever je alleen wat van je mentale gezondheid voor in.
De laatste twee boeken die ik las vroegen extreem veel van me. Ik moest timers instellen om mezelf bij de les te houden. Dertig minuten lezen, tien minuten scrollen, en wederom dertig minuten lezen. Ik moest mijn brein foppen met korte tussentijdse shots dopamine om door te kunnen. Ik bereidde snacktafels voor mezelf, wat ik normaal uitsluitend doe als ik thuis een film kijk. Een bakje gele M&M’s, guacamole met precies de juiste tortilla chips en ook nog eens zoute stengels met een pindakaasvulling. Ik moest het mezelf zo comfortabel mogelijk maken. Al leerde ik al snel dat snacken een stuk lastiger gaat met zo’n zware roman in handen. Ik heb het uiteraard over de Mount Everest onder de boeken: Eindeloos vertier van David Foster Wallice (1962 – 2008). De cultklassieker verscheen dertig jaar geleden, uitgeverij Koppernik gaf een prachtige jubileumeditie uit met een dubbele boekenlegger. Eén voor de roman zelf, en één voor de uitgebreide voetnoten die meer dan honderd pagina’s beslaan. De baksteen van 1,7 kilo is amper samen te vatten. Onderwijl las ik Corpus Britney, een gloednieuwe roman verzorgd door de Vlaamse uitgeverij Het Balanseer. Het is geschreven door Dominique De Groen (1991), die al vier dichtbundels publiceerde. Ook hiervoor geldt dat het moeilijk in een paar zinnen is samen te vatten, het beslaat zoveel zijpaden, hallucinaties en verschillende eeuwen dat ik het niet eens wil proberen. Het weegt misschien wat minder dan Eindeloos Vertier en omsluit nog net geen 500 bladzijdes. Maar toch had ik bij beide boeken eenzelfde ervaring: ik moest mijn best doen. Nog meer dan anders. Helemaal niets werd me aangereikt, soms kon ik me totaal verloren voelen in een verhaal waar me amper houvast werd geboden. Om dan plotseling op een open veld terecht te komen dat zo mooi, gruwelijk en anders was dan alles wat ik ooit eerder had gelezen, dat ik meteen terugbladerde naar het begin van de passage om het allemaal nog eens mee te maken.

In Eindeloos vertier was dat telkens wanneer Kate Gombert aan het woord kwam, een patiënt in een afkickkliniek met een marihuanaverslaving. Nooit eerder las ik een beschrijving van depressiviteit die zo dicht in de buurt komt van hoe het werkelijk moet voelen. Mensen die weten wat dat is, herkennen het instant. Mensen die niet weten wat het is, krijgen (al is het maar voor heel even) mee hoe akelig en dodelijk een ware depressie kan voelen. Het is een les in empathie in zijn zuiverste vorm.
In Corpus Britney was het telkens raak wanneer het over Britney Spears ging. Met zoveel liefde werd over de totale ineenstorting van een popidool geschreven, dat het niet anders kan dan dat de schrijver zelf een groot zwak voor Britney heeft (wat ook blijkt uit het dankwoord).
Voor beide boeken kreeg ik zo intens veel terug. Corpus Britney zoog me uiteindelijk helemaal naar binnen. Ik leefde in een wereld waar ik soms helemaal niets herkende, om bij de volgende zin recht in het hart te worden getroffen. Ik vloog van heksenverbrandingen naar pratende schapen genaamd Ehhhhhhhhhhhhhh. Ik koesterde het tot aan de laatste bladzijde, ook al begreep ik lang niet altijd waar ik precies verkeerde. In het geval van Eindeloos vertier ben ik gestrand op het basiskamp. Mijn eerste boekenlegger ligt nog altijd op pagina 183, mijn tweede boekenlegger op 1070. Ik heb mijn best gedaan. Het is wrang dat een boek dat over een verzonnen realiteit gaat waarin entertainment bestaat die zo verslavend is dat het onmogelijk is om ervan weg te kijken, in het heden de concurrentie aan moet gaan met precies dat. Mij lukte het niet om van mijn telefoon af te blijven tijdens het lezen. Uiteindelijk heb ik mijn timers genegeerd. Misschien doe ik over dertig jaar weer een poging, als ik van mijn verslaving af ben.





