Tip van Alma Mathijsen
Dagen met Blue: Wees niet bang voor de wind
Het mooiste wat je tegen een ander mens kunt zeggen is niet ‘ik hou van je’ of ‘ik zie u graag’. Het mooiste wat je tegen een ander mens kunt zeggen is ‘kom mee’. En dat is precies wat Blue doet.

In de documentaire Dagen met Blue (2026) wordt een jonge zwarte queer vrouw zonder duidelijk doel gevolgd door de stad Marseille. Haar gezicht hangt vol sierlijke piercings, tatoeages op haar jukbeenderen, lange dreads glijden langs haar schouders. Ze rent over de promenade bij de kustlijn in de schemering, ze heeft net paddo’s gegeten en roept naar haar vrienden:
‘Kom mee, Johnny, wees niet bang voor de wind.’
Dagen met Blue is een van de mooiste films die ik de afgelopen tijd zag. Regisseur Amanda van Hesteren (1991) brengt het leven van Blue magnifiek in beeld. Ze kruipt met haar mee onder kippengaas door naar een verlaten zwembad. Aan de overkant is een chique borrel gaande. Blue schreeuwt:
‘Fuck alle rijken! Alle rijke witte mensen, wat ze ook doen daar! Fuck de rijken! Fuck de rijken! Fuck alle rijken! Jullie zijn naakt! Ik zie geen enkel zwart of Arabisch mens bij jullie zitten! Fuck de rijken!’

Blue ziet de wereld scherper dan anderen. Ze heeft door dat haar plezier gelijk staat aan verzet in een maatschappij die haar het liefst wil uitkotsen. Hoewel Blue een lichtheid met zich meedraagt die haast verslavend werkt, valt ze soms ook weg in de donkerte. Tijdens het videobellen met Van Hesteren raakt ze van slag als ze vertelt over stukken tekst die ze de dag ervoor schreef om zichzelf te kalmeren:
‘Ik ben het zat om theorieën te zoeken om dit leven de moeite waard te maken. Ik moet gewoon alles loslaten en accepteren dat deze wereld zo donker is. Zo donker. Waar zijn we in godsnaam mee bezig?’
Vervolgens zien we haar tijdens een wandeling over de rotsen bij de zee languit op het pad gaan liggen om naar de lucht te kijken. Ik heb zelden iemand gezien die zo hard leeft. Onveilig, wild en met zo vreselijk veel plezier. Aan het einde van de documentaire wil ik zelf wegrennen en schreeuwen tegen iedereen die maar wil luisteren: ‘Kom mee, wees niet bang voor de wind!’





