We willen dat jij kunt leren, kijken en meedoen op een manier die bij je past. Pas hier je instellingen aan en/of lees meer over toegankelijkheid bij NPO.
In deze masterclass van NPO Cultuur bespreekt Hanna Bervoets de verschillende keuzes die je als schrijver kan maken. Hoe zorg je ervoor dat een lezer wil doorlezen? En hoe zet je de verschillende schrijftechnieken in om je verhaal beter te maken? Eus en Hanna gaan samen in gesprek over hun verschillende werkwijzen en over hoe je als auteur een plekje kan veroveren in de schrijverswereld.
1. Introductie
Özcan Akyol, zelf schrijver en presentator van Eus Boekenclub, introduceert Hanna, de master van de Masterclass Korte verhalen schrijven. Hanna legt uit wat het korte verhaal inhoudt en hoe er sociaal cultureel anders naar wordt gekeken.
2. Plot
Hanna vertelt wat een plot inhoudt en hoe zij dit gebruikt als de fundering voor haar verhalen. Daarnaast bespreekt ze structuur: de wijze waarop je je verhaal in kunt delen.
3. Personages & Perspectief
Hoe kom je tot geloofwaardige personages en hoe zet je die realistisch neer? Hanna vertelt wat haar helpt bij het ontwikkelen van personages. Daarnaast bespreekt ze vertelstem en vertelperspectief: wat is de toon van het verhaal en vanuit welk standpunt wordt het verteld?
4. Spanning
Welke vormen van spanning zijn er en hoe zorg je dat de lezer blijft doorlezen? Hanna beschrijft welke tools je kunt inzetten om spanning op te bouwen én te doseren in je verhaal.
5. Werkwijze & Schrijfroutine
Hanna neemt je mee in hoe zij haar schrijfdag indeelt en wat voor haar werkt om haar schrijverspen te activeren. Ook Eus deelt zijn schrijf routine. Als schrijvers onder elkaar bespreken zij hoe zij op omgaan met het schrijfproces en wat hen daarbij helpt.
6. Uitgeverijen
Welke opties zijn er om een kort verhaal of manuscript uit te geven? Eus en Hanna bespreken de verschillende routes om bij een uitgeverij, krant of ander medium in de kijker te spelen, én hoe het proces verloopt zodra je eenmaal bij een uitgeverij zit.
7. Feedback
In dit onderdeel van de masterclass krijgen de vijf geselecteerde deelnemers feedback op hun geschreven korte verhaal.
De Master
Hanna Bervoets
Hanna Bervoets (1984, Amsterdam) is schrijver, essayist en scenarist. Na een bachelor Medi…
De master
Hanna Bervoets
Hanna Bervoets (1984, Amsterdam) is schrijver, essayist en scenarist. Na een bachelor Media & Cultuur en een master Journalistiek & Research publiceerde zij negen romans, verschillende scenario's, toneelstukken, korte verhalen en essays.
In 2009 debuteerde Bervoets met Of hoe waarom, twee jaar daarop verscheen Lieve Céline, dat werd bekroond met de Opzij Literatuurprijs. Een jaar later verscheen de bestseller Alles wat er was, gevolgd door Efter (2014), Ivanov (2016), Fuzzie (2017) en Welkom in het Rijk der zieken (2019).
Bervoets’ werk werd verschillende malen genomineerd voor de Gouden Boekenuil, de AKO Literatuurprijs en de Libris Literatuurprijs. In 2017 won Bervoets de BNG Bank Literatuurprijs voor Ivanov, en in datzelfde jaar eveneens de Frans Kellendonk-prijs voor haar gehele oeuvre.
In 2021 was Hanna Bervoets auteur van het Boekenweekgeschenk, Wat wij zagen. De vertaalrechten werden verkocht aan veertien landen. Dat jaar verscheen ook haar eerste verhalenbundel, Een modern verlangen, bekroond met de J.M.A. Biesheuvelprijs.
In 2025 verscheen haar tiende roman, Geld verdienen.
Deze kandidaten deden mee met de Live Masterclass Korte verhalen schrijven.
Talent
Heleen Blesgraaf
Ik ben docent Nederlands en mentor voor leerlingen tussen de 12 en 18 jaar, op een school …
Talent
Joep van Dijk
Hoi! ik ben Joep
Ik ben een hele slechte slaper en een vrij goede kijker. Ik klim, hou van…
Talent
Koen
Hoi, ik ben Koen! Ik ben 24 jaar, studeer wiskunde en houd van taal. Ik schrijf zowel proz…
Talent
Wouter Rozema
Ik ben Wouter, al hou ik ervan als mensen me Wout noemen, net zoals ik zo'n beetje iedere…
Talent
Makida Daniels
Ik schrijf korte verhalen en heb twee boeken uitgebracht in eigen beheer. Die redelijk goe…
Vorige
pager
Volgende
Talent Masterclass Korte verhalen schrijven
Heleen Blesgraaf
Vertel kort iets over jezelf
Ik ben docent Nederlands en mentor voor leerlingen tussen de 12 en 18 jaar, op een school met internationale schakelklassen. Een groot aantal van mijn leerlingen heeft een vluchtachtergrond. In het verleden werkte ik bij organisaties als Solidaridad en Greenpeace. Ik schrijf vooral voor een jonge doelgroep en houd van verhalen met een hoopvol einde. In 2023 debuteerde ik met mijn jongerenroman ‘De C is voor Celia’ bij uitgeverij Moon. Aankomende zomer verschijnt de korte YA thriller ‘Aansteker’ bij uitgeverij Unieboek | het Spectrum.
Wat motiveert je om mee te doen?
Ooit dacht ik dat debuteren de eindbaas was die ik moest verslaan, maar uit ervaring weet ik nu: zo werkt het niet. Er ontstaan vanzelf nieuwe doelen. Zo wil ik stilistisch sterker worden en mijn verhalen meer thematische diepgang geven. Eigenlijk zie ik het schrijven als het leren bespelen van een instrument. Net zoals ik ooit oefende om een toonladder in de vingers te krijgen, zo maak ik nu meters om verschillende aspecten van mijn schrijverschap te verbeteren. En gerichte feedback van een meesterverteller als Hanna Bervoets is in dat proces meer dan welkom.
Hoe zou je je werk omschrijven?
Moos woont in een giftige omgeving. Om te blijven leven, moet hij vluchten naar de wereld aan de andere kant van het glas. Bij een onverwachte ontmoeting ontdekt Moos dat hij meer nodig heeft dan alleen zuivere lucht.
‘De lekkerst ruikende mens’ is een toegankelijk verhaal met een hoog tempo en een hoofdpersonage met negen levens. In de kern gaat het over klimaatvluchtelingen - maar dat zal werkelijk niemand eruit halen.
Hoi! ik ben Joep
Ik ben een hele slechte slaper en een vrij goede kijker. Ik klim, hou van water, sta achter de bar en studeer op het moment Writing for Performance aan de HKU.
Ik hou me bezig met alles wat we normaal vinden maar wat eigenlijk raar is. (on)Menselijke interacties, sommige krantenkoppen, hoe dat plastic zakje aan de boom op het pleintje voor mijn deur daar twee maanden kan hangen zonder dat iemand het weghaalt.
Ik verknip dat zoort dingen graag, in de hoop dat het er zinniger op wordt.
Wat motiveert je om mee te doen?
Ik word blij van taal en van tekst en kom op mijn studie nagenoeg niet aan proza toe. Dat is jammer, want verhalen lezen is al sinds mijn jeugd een van mijn grootste liefdes. Verhalen schrijven misschien wel een van mijn oudste dromen. Ik wil dat óók leren. Hieraan meedoen is dat najagen.
Hoi, ik ben Koen! Ik ben 24 jaar, studeer wiskunde en houd van taal. Ik schrijf zowel proza als poëzie en draag mijn gedichten soms voor op podia. Een aantal van mijn teksten zijn eerder ook gepubliceerd op platforms als Notulen voor het Onzichtbare en de website van De Revisor. Daarnaast zit ik in de organisatie van poëziefestival Onbederf'lijk Vers.
Wat motiveert je om mee te doen?
Iedere dag probeer ik tijd vrij te maken om even te schrijven. Dat lukt me vrij goed. Soms is het maar tien minuten, maar vaak lukt het me wel om toch zeker drie kwartier tot anderhalf uur bezig te zijn. Ik vind het heerlijk om te schrijven.
Het liefst schrijf ik over werkelijkheden die net niet overeen komen met de onze. Ik houd van het vervormbare daarvan, het vijandige en tegelijkertijd het wonderlijke dat je erin kunt stoppen. Als water, bijna. Stel je voor dat je aan de kust staat, het stormt, golven torenen over het strand heen maar je staat veilig op de zijde van de duin te kijken. Levend zijn en leven zijn beide niet vanzelfsprekend en door mensen in zo'n wonderlijke, gemanipuleerde wereld hun wereld wel als vanzelfsprekend te kunnen laten beleven, geeft dit een spanningsveld met onze eigen wereld. Hoe ziet die er voor buitenstaanders eigenlijk uit?
Ik zou graag meer leren hoe ik mijn verhalen nog meeslepender maak, hoe ik mensen er nog meer in zuig zodat ze het in hun onderbuik gaan voelen, zij het op een warme, zij het op een knellende manier. Ik denk dat ik enorm veel van Hanna Bervoets zou kunnen leren en het zou me prachtig lijken de kans te krijgen om een masterclass van haar te krijgen.
Hoe zou je je werk omschrijven?
Ik zou zeggen dat mijn proza vaak een poëtische tint heeft. Ik schrijf graag fragmentarisch en wanneer ik dat niet doe, hangt er vaak nog steeds een soort mysterieuze mist overheen. Ik schrijf graag over werkelijkheden die net niet de onze zijn. Er zijn onderaardse gangen die zich plots kunnen openen, de aarde heeft ineens een rand of er zijn vreemde, bijna alien-achtige wezens die we tegen komen, bijvoorbeeld.
Daarnaast merk ik dat in mijn teksten vaak ook water, natuur (bomen, dieren), ruimte-tijd-vervormingen en transformaties een grote rol spelen.
Ik ben Wouter, al hou ik ervan als mensen me Wout noemen, net zoals ik zo'n beetje iedereens naam afkort. Zo kort van stof ben ik niet in het schrijven. Schrijven is mijn grootste passie: ik doe het al zolang als ik kan herinneren, en in elke denkbare vorm.
Als Hebban-redacteur verdiep ik me elke dag in de boeken van anderen, maar zelf ben ik ook altijd bezig met een nieuw passieproject. Zo debuteerde ik met een eigen queer romance serie, en werk ik momenteel aan een hervertelling van de queer mythe tussen Zeus en Ganymedes.
Verder hou ik van mijn vriendje, oesters, kringloopvondsten en een goed gesprek onder een heater (liefste in Parijs).
Wat motiveert je om mee te doen?
Ik vind het altijd een grote uitdaging om een kort verhaal te schrijven. Mijn eerste versie is vaak (veel) te lang. Toch weet ik dat ik er aanleg voor heb. Ik stond een keer op de longlist van de Lowlands Verhalenwedstrijd, en won in 2024 de Schrijfwedstrijd van CPNB rondom de Boekenweek. Dat diende als motivatie om me voor deze masterclass aan te doen. Wat ik vooral wil leren, is welke details je weg kan laten, zonder dat het verhaal onduidelijk wordt. En mijn korte verhalen hebben vaak een bepaalde spanning die ze met zich meenemen. Maar begin je daar gelijk al mee? Of wacht je tot halverwege? Daarnaast eindig ik korte verhalen vaak open - en ik ben nieuwsgierig of er manieren zijn om een verhaal toch af te ronden binnen de woordenlimieten.
Hoe zou je je werk omschrijven?
Ik baseer vaak mijn verhalen op allerlei verschillende, kleine elementen die ik om me heen zie, meemaak of opvang. Dit verhaal begon met een graffiti-tekst waar ik deze zomer langs liep en die sprak over verliefd worden. Die tekst bleef me bij. Ik was nieuwsgierig: wie schrijft de tekst? En gericht aan wie? Vaak is graffiti gericht (voor mijn gevoel) op de samenleving en niet op één persoon. Ik probeerde me te verplaatsen in iemand die de tekst zag, en er juist géén fijn gevoel bij zou krijgen. Dat koppelde ik aan een woord dat juist heel onschuldig lijkt (snuitje).
Ik vind het belangrijk om niet te inhoudelijk te zijn over wat er zich precies tussen de ik-persoon en diens ex Ludwig is voorgevallen. Zo kun je als lezer je eigen invulling creëren. Bovendien heb ik erop gelet dat ik de ik-persoon geen man én geen vrouw maak, en ook niet bij naam noem. Zo hoop ik dat de lezer sneller zichzelf visualiseert bij de tekst; daarmee wil ik creëren dat de lezer als het ware in de huid kruipt van de hoofdpersoon.
Ik schrijf korte verhalen en heb twee boeken uitgebracht in eigen beheer. Die redelijk goed verkopen. Toch zou ik een masterclass zeer waarderen. Omdat kennis van ervaren schrijvers nieuwe inzichten bieden. Ik kan die inzichten gebruiken om de personages in mijn roman geloofwaardiger te maken. Verder lijkt het mij mega leuk om mijn verhaal te vertellen bij Eus' Boekenclub.
Wat motiveert je om mee te doen?
Ik vind dat meer mensen moeten weten over de binnenlandseoorlog in Suriname.
Wat die trauma doet met overlevenden en hoe het zwijgen de wond groter maakt. Het verhaal dat ik geschreven heb gaat over een acht jarige jongen 'Switi Boy.' Hij wordt gedood tijdens een inval in het dorp Moiwana in 1986. Alleen weet Switi Boy niet dat hij dood is. Hij bevindt zich in een tussenruimte en beleeft momenten en ontmoetingen met zijn lievelingsoom, vrienden en de prachtige otters die in de rivier van zijn dorp zwemmen.
Hoe zou je je werk omschrijven?
Mijn stijl is geworteld in de Surinaamse orale verteltraditie. Dit verhaal is fragmentarisch opgebouwd en volgt Switi Boy in de tussenruimtes waar spiritualiteit een fundamentele rol speelt. De lezer moet, als bij puzzelstukjes, zelf het volledige verhaal samenstellen. Thema’s als verlies, geestelijke en fysieke verwondingen staan centraal, met heling als uiteindelijke doel.