Tip van Naomi Ronner
Getest: God kom(t) terug
Een bliksemslag, het gapende gat in onszelf, een ijzeren emmer die de achterkant van een kinderhoofd doet bloeden. ‘God is niet dood, alleen mijn God is vermoord’, zegt Hajar Fargan in God kom(t) terug. In deze monoloog over geloof in een seculiere, rationele samenleving heb je geen besef van tijd. Je hangt aan de lippen van Fargan, die met niets dan haar stem en een sober decor een wereld oproept waarin het onverklaarbare nog mag bestaan. Ze legt de arrogantie bloot van een samenleving die denkt alles te kunnen begrijpen en verklaren. En ergens tussen twijfel, woede en verwondering ontstaat ruimte voor iets wat we ons zelf niet meer weten te gunnen: de mogelijkheid om ergens in te geloven.

Sommigen vinden hun weg naar het geloof via een bovennatuurlijke ervaring: een tomatensoep die in de eetzaal van een klooster opeens naar heiligheid smaakt, of een troostend visioen in tijden van groot verdriet. Anderen krijgen het geloof van huis uit mee. Bij hen zit God in de taal, aan de eettafel, in de muziek. God kom(t) terug vertelt het verhaal vanuit dat tweede perspectief: dat van degenen voor wie geloof geen openbaring was, maar in eerste instantie vooral een erfenis.
Thuis was geloven voor Fargan vanzelfsprekend, daarbuiten niet. In de wereld om haar heen werd er soms op neergekeken; er kleefde schaamte aan de identiteit ‘kind van God’. ‘God heeft toch voor zoveel ellende gezorgd?’ vragen de yogameiden nadat Fargan een ‘mashallah’ heeft laten vallen. Pff, de yogameiden, die aura’s en tarotkaarten in hun vocabulaire hebben opgenomen, maar bij God toch de wenkbrauwen optrekken.
Mensen hebben altijd verhalen nodig gehad, zegt Fargan, of God daar nu deel van uitmaakt of niet. Dat mensen religie gebruiken om kwaad te doen, zegt volgens haar meer over de mens dan over God. Ze steekt dan ook de draak met de seculiere arrogantie van het Westen, met de ‘blonde parasieten’ en het verlichtingsdenken dat meent de wereld altijd te kunnen verbeteren: ‘glasvezel voor iedereen’. In naam van de vooruitgang werden religie en spiritualiteit naar de marge geduwd, als restanten van een achterhaald wereldbeeld, ‘iets voor de onwetenden’.
Als je opgroeit, zoekt je uit welke delen van de opvoeding bij je passen en welke niet. Als kind smeekte Fargan haar ouders om net als de andere Marokkaanse kinderen les te krijgen van de imam. Later, wanneer ze ouder werd, noemde ze zichzelf tegenover anderen ‘een moderne moslim’. Na de moord op Theo van Gogh is haar broertje voortaan ‘Mo’ in plaats van ‘Mohammed’.

Toch blijft ondanks frustratie en verwarring, de honger naar meer dan een gemakzuchtig geloof bestaan. Naar verbinding: met datgene waarvoor de imam zijn hoofd zo diep in de grond buigt dat er een afdruk achterblijft, met datgene waarin haar moeder zo blindelings vertrouwt. Een verlangen dat zich niet zomaar laat afleren en steeds weer de kop opsteekt. Het ontroert me. Ik heb niet eerder iemand zo mooi, zo zinderend horen spreken over de worsteling met het geloof, en met alles wat daarin besloten ligt.
Aan het begin van de voorstelling hangt een zwart, doorschijnend doek van het plafond tot op de toneelvloer. Midden in Fargans worsteling wordt het op een gegeven moment weer omhooggetrokken, alsof het geloof de hemel in verdwijnt. Tegen het einde raapt ze de weer neergedaalde stof voorzichtig van de vloer, alsof ze alle beetjes God weer bij elkaar probeert te rapen. Dan klemt ze het doek tegen zich aan, stevig.
De voorstelling is, net als haar titel, een verzoek, misschien zelfs een schreeuw, maar evengoed een aankondiging of voorspelling: God kom(t) terug. Terwijl de wereld kraakt onder het gewicht van haar eigen vooruitgang, beginnen we ons af te vragen of ratio en technologie ons wel kunnen redden. Wat missen we? Waar doen we onze ogen en oren voor dicht? Het zijn vragen die de voorstelling bij mij achterlaat, en die verder reiken dan de religie alleen. Je hoeft dan ook niet in God te geloven om geraakt te worden door Fargans pleidooi voor de verbeelding.
God kom(t) terug is tot en met 28 januari te zien in verschillende theaters. Kun je niet wachten? Luister dan naar deze aflevering van Een Uur Cultuur (VPRO) met theatermaker en schrijver Hajar Fargan.



