Tip van Alicha van Gestel
Van theatertechniek tot lichtontwerp: Stan Bannier is een alleskunner.
Ik loop binnen in het Koninklijke Schouwburg in Den Haag, waar ik hoofd techniek van Het Zuidelijk Toneel Stan Bannier ontmoet. Al voor mijn camera draait, begint hij - duidelijk gepassioneerd over zijn vakmanschap – met vertellen. Terwijl ik hem volg, tijdens de opbouw van de voorstelling Not Quichot, begin ik een beetje wijzer te worden over Stans vakgebied. Een fascinerend feitje hier en interessant weetje daar.
“Wij produceren de voorstellingen die na de première op reis gaan door Nederland en België,” vertelt hij. “De hoofdtechniek zorgt er eigenlijk voor dat, in ieder geval zoals ik het graag zie, de producties en de technici zo goed mogelijk gefaciliteerd worden. Dus samen met de eerste inspiciënt zorg ik ervoor dat de voorstellingen goed ontwikkeld worden. Ik heb gesprekken met regisseurs en denk mee in het proces.”
Ik loop binnen in het Koninklijke Schouwburg in Den Haag, waar ik hoofd techniek van Het Zuidelijk Toneel Stan Bannier ontmoet. Al voor mijn camera draait, begint hij - duidelijk gepassioneerd over zijn vakmanschap – met vertellen. Terwijl ik hem volg, tijdens de opbouw van de voorstelling Not Quichot, begin ik een beetje wijzer te worden over Stan’s vakgebied. Een facineerend feitje hier en interessant weetje daar.
“Wij produceren de voorstellingen die na de première op reis gaan door Nederland en België,” vertelt hij. “De hoofdtechniek zorgt er eigenlijk voor dat, in ieder geval zoals ik het graag zie, de producties en de technici zo goed mogelijk gefaciliteerd worden. Dus samen met de eerste inspiciënt zorg ik ervoor dat de voorstellingen goed ontwikkeld worden. Ik heb gesprekken met regisseurs en denk mee in het proces.”
Toch maar niet Superman
Voor Stan begon het allemaal ooit als stagiair bij Het Zuidelijk Toneel. Hij vertelt het met een grapje: “Toen ik klaar was met mijn opleiding zat ik moederziel alleen thuis,” zegt hij lachend. “Geluk bij een ongeluk was er een jongen die bij Het Zuidelijk Toneel werkte en toen helaas uitviel.” Toen de hoofd techniek belde, hoefde Stan niet lang na te denken. Natuurlijk wilde hij daar vol enthousiasme komen werken.

Op de vraag of dit zijn droombaan was, antwoordt hij eerlijk: “Ja, mijn droom als kind was dit denk ik niet. Als kind wil je eerst Robin Hood zijn, dan Superman, dan vrachtwagenchauffeur.” Hij vervolgt: “Maar nadat ik meeliep bij Opera Zuid in Sittard, voelde dat meteen als thuiskomen. Nu word ik een beetje romantisch, maar ik vind dat echt te gek.”
Op de dag van ons interview hoefde hij eigenlijk niet te werken. “Ik merk dat toevallig vandaag weer, want ik ben nu extra,” zegt hij. “Maar ik vind het heerlijk om binnen te komen, even een praatje maken. Ik word gewoon rustig op het toneel.” Het is duidelijk dat hij enorm lovend is over zijn werk. “Ik zeg altijd: een dag niet gelachen, is een dag niet gewerkt.”
Geen dag is hetzelfde
In het techniekhok, omringd door kabels en moertjes, legt Stan rustig uit hoe zijn werkdagen eruitzien. “Dat verschilt een beetje,” zegt hij. “Vandaag is het lekker meebouwen. Dan kijk ik mee met het draaien van de voorstelling en straks breken we weer af. Morgen gaan die jongens naar Wageningen en ga ik lekker naar huis. Dan heb ik echt een dag als hoofdtechniek. En dat vind ik ook heel leuk.” Hij glimlacht. “Dan zit ik achter mijn bureautje in Tilburg, waar Het Zuidelijk Toneel zich bevindt.”
Tekenen met licht
Naast zijn werk als hoofdtechniek is Stan ook actief als lichtontwerper. “Dat is weer een andere vorm,” legt hij uit. “Dan ben ik vooral bezig met tekenen en nadenken. En zodra we gaan repeteren of monteren, zit ik echt te kijken. Samen met de belichter, de regisseur en iedereen die daarbij betrokken is. Ik maak voorstellen, maak plaatjes. Ik vind het heerlijk om te doen.”
Dat ontwerpproces doet hij onder andere samen met Sarah Moeremans, artistiek leider van Het Zuidelijk Toneel. “In een vroeg stadium van een voorstelling gaan we al met elkaar in gesprek,” vertelt hij. “Dan heb je natuurlijk ook een decorontwerp waar je rekening mee moet houden. Een kostuumontwerp. Dus die gesprekken beginnen ook redelijk op tijd.”

Doorgeven van de les
Na jaren ervaring zou je verwachten dat stress erbij hoort. “Ik ervaar weinig stress,” zegt Stan. Toch moet hij lachen wanneer hij terugdenkt aan een moment waarop hij die wel degelijk voelde. “Ik heb één keer meegespeeld in een voorstelling van het gezelschap. Het was een soort bijrolletje. Ik moest gewoon een domme Limburger spelen,” zegt hij grappend. “En dat is natuurlijk heel moeilijk voor mij, want ik ben wel een Limburger, maar ik ben niet dom.”
Het waren maar een paar zinnetjes, maar de zenuwen gierden door zijn lijf. “Ik was ontzettend nerveus. Toen zei een acteur tegen mij: ‘Stan, je moet eens opletten. Als je straks opgaat, ben je die zenuwen eigenlijk meteen kwijt.’ Dat heb ik altijd onthouden.” Hij glimlacht even. “Dat geef ik nu ook mee aan mijn kinderen. En als een acteur heel zenuwachtig is, probeer ik dat ook zo uit te leggen.”
Dat is "De Stan”
Zoals altijd ben ik benieuwd wat iemands droom is, zeker wanneer iemand zo tevreden lijkt met zijn werk. Eerder op de dag vertelde Stan me over een handigheidje dat ooit werd bedacht door een Nederlander: een soort elastiekje dat kabels aan buizen bindt. Klein, maar fijn.
“Wij liepen op toneel en ik legde jou wat dingen uit,” zegt hij. “Over wat was en waar alles zich bevindt. En dat zijn allemaal dingen die een bepaalde naam hebben. En dat zijn allemaal mensen die dat bedacht hebben.” Hij glimlacht even. “Dat heb ik niet. Ik heb nog niks bedacht waar mijn naam aan vastzit. Niet dat ik dat per se hoef,” voegt hij eraan toe. “Maar het zou leuk zijn voor het nageslacht. Dat over honderd jaar iemand een theater binnenloopt en denkt: dát is een Stan. Of een Stannie.”
De voorstelling Not Quichote van Het Zuidelijk Toneel t/m zaterdag 31 januari door het gehele land.
Liever de video bekijken? Bezoek onze Instagram!





