Tip van Alma Mathijsen
Alma's Boekencolumn: 50 jaar na de schaamte voorbij
Een oude vriend van mijn vader zag me het boek lezen in een café. Ik was de afgelopen dagen verzonken in De schaamte voorbij van Anja Meulenbelt, de feministische klassieker die ik tot mijn schande nog nooit had opgepakt.
Zijn ogen, die altijd wat verscholen lagen, sprongen ineens helder naar voren. Hij bracht zijn hoofd heel dichtbij en fluisterde: ‘In die tijd was ik met een vrouw die eerder klaarkwam dan ik, natuurlijk wilde ik graag door, maar ze zei: je maakt het zelf maar af.’ De ogen van de oude vriend fonkelden, hij leek te willen zeggen: ‘ik was erbij, die tijd waar jij nu over leest, ik heb het meegemaakt’.
In mei krijgt Anja Meulenbelt de P.C. Hooft-prijs voor haar gehele oeuvre. Haar iconische boek uit 1976 is onlangs opnieuw uitgegeven door De Bezige Bij. Vijftig jaar geleden kwam het uit. Het voelt clichématig om te zeggen, haast overbodig, maar er lijkt nog maar zo weinig veranderd sinds de verschijning. In vele opzichten zijn we zelfs achteruit aan het bewegen. En ook die constatering voelt als oud nieuws.
Meulenbelt beschrijft een vrijpartij met een man die weinig te doen heeft met vrijen of met een feestpartij. Zijn mechanisch gezwoeg gaat haar steeds meer benauwen. Bang voor de agressie die ze zal uitlokken, besluit ze om niets te zeggen. ‘Zijn ego zo fragiel als een kerstboombal.’ Zulke mannen bestaan nog steeds. En vrouwen maken nog steeds de weloverwogen keuze om zich stil te houden om erger te voorkomen.
Ik had verwacht een essayistisch boek te lezen vol terminologie en verwijzingen naar andere feministische literatuur, een zorgvuldig afgewogen betoog tegen het keurslijf van de huisvrouw. Maar ik werd meegesleurd in het emotionele leven van een vrouw die zo wild en met een enorme stootkracht kan vertellen dat ik haar bloed haast in mijn mond proefde. Vol twijfels en vol overtuiging tegelijkertijd. ‘Ik ben niet meer bereid om de hoge prijs te betalen van het verlies van mijn eigen ik dat op bijna elk huwelijk staat. Maar ik ben niet sterk genoeg om me staande te houden als loslopend wild in een door mannen beheerste maatschappij.’
Het lezen van De schaamte voorbij is net als het boek zelf een dubbele ervaring. Aan mijn voordeur staat het paard al klaar, wachtend op mij en alle andere lezers om de revolutie te beginnen. Zo opzwepend kan Meulenbelt schrijven. Maar ik raak ook bedroefd door de hoeveelheid aan herkenning, vijftig jaar later.
Terwijl ik de laatste pagina omsloeg loerde ik naar de oude vriend, die ook een boek had opengeslagen, en nipte van zijn jenever. Hij was erbij, dacht ik, en ik helaas ook nog steeds.




