Tip van Rachel Pouwer
Onder water leert Annemijn Rijk vooral één ding: harder werken helpt niet
In Vinkeveen staat choreograaf, filosoof en theatermaker Annemijn Rijk op het punt om het water in te gaan. Ze doet onderzoek voor haar nieuwe voorstelling Vertical Blue van The Body of Art. Daarin gebruikt ze freediven als uitgangspunt: in één ademteug naar beneden duiken en weer omhoog komen. Vandaag krijgt ze les van iemand die dat tot een kunst heeft verheven: freediver Nanja van den Broek. Alleen is Rijk vooralsnog vooral bezig met één ding: rustig worden. “Ja, ik ben echt best wel gespannen. Dus ik moet eerst nog rustig worden en dan kunnen we aan de slag.” Dat is meteen de kern van haar onderzoek. Want wat gebeurt er als je lichaam onder druk staat en je juist niet harder moet gaan werken?

De kracht van het niet weten
Voor Vertical Blue onderzoekt Rijk wat er in je lichaam gebeurt tijdens het freediven. “Ik werd geïnspireerd door freedivers en de manier waarop zij onder water, onder een grote druk eigenlijk van het water dat op je duwt, zo ontspannen mogelijk proberen te blijven.” Voor Rijk is dat meer dan een fysieke vaardigheid. “Ik vind het een supermooie metafoor voor alles in het leven wat we niet kunnen controleren, wat ons overweldigt en waar we door gegrepen worden.” Freediven wordt daarmee een oefening in iets wat misschien nog moeilijker is dan je adem inhouden: accepteren dat je niet alles in de hand hebt.
Daarom is de ontmoeting met Nanja van den Broek voor Rijk zo belangrijk. “Ze weet de freedive-skills die je onder water leert, te vertalen naar het leven en naar een mentale staat van zijn.” Van den Broek noemt het water een spiegel. Hoe je met je gedachten en energie omgaat, heeft invloed op hoe je duikt. “Voor mij gaat het niet over ontspannen zijn, maar meer ontspannen. En dat zijn twee hele verschillende dingen”, legt Nanja uit in het gesprek. Juist die gedachte blijkt voor Rijk interessant. Je hoeft niet opeens volledig kalm te zijn. Het gaat erom dat je leert bewegen van spanning naar meer ontspanning.

Totale stilte
Na de duik komt Rijk weer boven water. Het ging goed, zegt ze. “We hadden het eigenlijk al na de tweede duik over vertrouwen en over wat het betekent om jezelf en iemand anders te vertrouwen in het water.” Onder water verandert ook haar waarneming.“Ik had op een gegeven moment een moment dat ik de diepte in keek en een oneindigheid zag. Alsof er alleen nog maar dat moment bestond. Er waren eigenlijk helemaal geen gedachten meer.”
De ervaring blijft niet in Vinkeveen achter. In de studio onderzoekt Rijk met het hele team hoe ze die staat van overgave kan vertalen naar de dansers en uiteindelijk naar het publiek. Niet door het freediven simpelweg na te spelen, maar door te kijken welke omstandigheden nodig zijn om die ervaring op te roepen. “Ik ben in de studio aan het zoeken naar hoe we die overgave overdragen aan het publiek.” Choreografie, scenografie en licht moeten samen een omgeving creëren waarin die overgave mogelijk wordt. En daarbij neemt ze nog een andere les mee uit het water: harder werken is niet altijd de oplossing. “Als ik straks de studio in ga met de dansers en ik weet: ik heb nog twee weken, de première is over drie weken, dan heeft het voor mij niet zo heel veel zin om nu extreem hard te gaan werken. Dan wordt de voorstelling niet beter van.”
Een van de adviezen van Nanja blijft daarom hangen. Wanneer je onder water zit en merkt dat je bijna door je adem heen bent, moet je niet alleen maar naar binnen keren. Draai je om en kijk naar de omgeving. Neem die mee. Rjik: “Dat is bijvoorbeeld een nuttige tip die ik mee kan nemen in mijn proces.” Het gaat volgens haar dus niet alleen om de inhoud van Vertical Blue, maar ook om de manier waarop de voorstelling wordt gemaakt. “Het heeft ook betrekking op de vorm, dus de techniek en de lessen die je kan leren uit het water, neem ik mee naar mijn praktijk als maker.”
Je ziet de duik van Annemijn Rijk en Nanja van den Broek in NPO Cultuur op donderdag 10 september om 21:30 uur op NPO 2 Extra en vrijdag 11 september om 10:45 uur op NPO 2.





